Loopperikelen (2)
Sommige sporters zijn op dit moment aan het aftellen tot Vancouver, ik ben aan het aftellen tot de Midwintermarathon. Nog vier weken en dan moet het gebeuren. Ik wil toch zeker vijftien minuten onder mijn PR lopen.
Afgelopen zaterdag was het daarom tijd voor de laatste echt lange duurtraining. In de middag vertrokken we voor een ronde van iets meer dan vijfendertig kilometer door de Haagse en Ettense Beemden. Het weer was prima, een beetje vochtig, maar niet koud. Het was de bedoeling om precies vijf minuten en dertig seconden per kilometer te lopen. Dat houdt in dat je zeker de eerste vijf kilometer met de rem erop moet lopen. Je weet dat je veel sneller kunt en dan voelt het zo onnatuurlijk om langzaam te starten. Maar een te snelle start moet je op het einde bekopen.
Toen we na een kilometer of vijf bij de Asterdplas aankamen, zaten we in een goed ritme. Vanaf de Asterd liepen we langs de Mark het buitengebied in. Er was bijna niemand op de weg, slechts een enkele loper. Langs de weg was echter genoeg te zien: zwanen, reigers, aalscholvers en meerkoeten. Op sommige plaatsen waren sneeuw en ijs zelfs nog niet verdwenen. Bijna tien kilometer liepen we door de polder voordat we de A16 moesten oversteken. Het was inmiddels lichtjes begonnen te regenen, echter niet storend en de kilometers vlogen voorbij. Na de oversteek van de A16 konden we weer een tijdje het fietspad langs de Mark volgen. Net voordat we het twintig-kilometer-punt passeerden moesten we de Mark verlaten om over een dijk door de Ettense Beemden richting de Zwartenbergse molen te lopen. De vele glibberige roosters en de stevige tegenwind maakten het lopen zwaarder, maar we liepen nog steeds goed op schema.
Net voordat we de haven van Etten-Leur zouden bereiken zijn we linksaf geslagen richting Liesbosch. De vijfentwintig kilometer hadden we inmiddels gepasseerd. Het lopen ging duidelijk moeizamer en het bleek zwaar het tempo vast te houden. Per kilometer verloren we een paar seconden op het schema. Aangekomen bij het Liesbosch moesten we nog een extra lus maken om aan de benodigde kilometers te geraken. Het was inmiddels donker en koud. Met moeite konden we weer iets onder de 5:30 gaan lopen, maar ik voelde dat mijn hartslag daardoor verder omhoog ging. De spieren raakten verkrampt, maar de gedachte dat we er bijna waren gaf de moed om door te zetten. Het zijn juist deze kilometers die je moet maken om straks die marathon goed door te komen.
Na de ronde om het Liesbosch zaten we op vierendertig kilometer. Alleen nog de A16 onderdoor, maar dat ging niet meer van harte! Bij het binnenkomen van Breda in de wijk Tuinzigt zaten we op vijfendertig kilometer. We hadden er 3:11:30 over gedaan. Precies één minuut onder het schema dat we vooraf bepaald hadden. Dat geeft hoop voor komende weken. ’s Avonds kon ik met een gerust hart en een licht euforisch gevoel op de bank voor de TV hangen.
Vandaag heb ik rustig tien kilometer uitgelopen wat het kilometertotaal van deze week weer boven de tachtig brengt. Volgende week nog één zware week met als hoogtepunt op zondag de trail in Doornik en daarna rustig afbouwen tot de midwintermarathon.


Reacties